Waar de wind ons vond
Terschelling
Waar de wind ons iets leek te willen vertellen
De zee een eigen wil had
Onze fietssporen een weg zochten door duin en zand
Het voelde als thuiskomen
Ik zag hoe je contact maakte,
hoe je mensen vond om je heen.
Je was zo blij, zo vol energie,
alsof het eiland jou even helemaal begreep.
Er waren verwachtingen en verlangens
naar die ene vis die gevangen moest worden,
naar schatten die misschien verborgen lagen
in de golven.
Eindeloos tuurden we naar die wadden
Alsof de dag altijd zou duren
We lieten vliegers dansen met de wolken
Terwijl de zon ons bleef verwarmen
We knuffelden veel.
Soms uit blijdschap.
Soms omdat de wereld groot voelde.
Soms gewoon omdat we elkaar zoveel moeten missen
Jij ziet de wereld op jouw eigen manier.
Met een hoofd vol ideeën,
een hart dat altijd verlangt naar meer,
en een pad dat niet hetzelfde loopt als dat van anderen.
Soms was het moeilijk
Dan werd jij zelf een stevige windvlaag
Die alles liet wankelen
Frustratie en boosheid namen alle ruimte in
Dan probeerde ik je terug te vinden
En weet je?
Dat vond ik niet erg.
Want tussen al die onrust,
tegenwind en kleine stormen,
zag ik steeds weer jou.
Nieuwsgierig. Grappig. Lief. Zo ontwapenend.
Na al die wind, krabben, lol en samenzijn
moesten we afscheid nemen.
Jij ging naar jouw nieuwe plek,
Ik blijf dichtbij op mijn manier.
Ik laat je niet los,
Ik leer alleen een andere manier om je vast te houden
En wat blijft,
zijn alle herinneringen
We gaan er nog veel meer maken samen.
Zomer 2026